“Dit werk helpt me in te zien hoe goed ik het heb”

Interview met Joep van Bergen

Werkmeester

Net als veel van onze cliënten kreeg ook Joep het in zijn leven aardig voor z’n kiezen. Een verkeerd gelopen heupoperatie, jaren van pijn, een nare scheiding en faillissement, hij maakte het allemaal mee. Maar sinds twee jaar is hij werkmeester bij een project in Utrecht, waar hij de ‘moeilijke’ reclassenten door hun werkstraf loodst. Daar ziet Joep dat het altijd nog erger kan. Daarbij: als Joep één ding nooit zal doen, is het bij de pakken neerzitten. Dit is het verhaal van een vechter.

In zijn jonge jaren was Joep tennisleraar. Een vak dat hem veel mensenkennis opleverde (wat voor leerling is dit, hoe beweegt hij, hoe stimuleer ik hem om het meeste uit zichzelf te halen), maar ook een versleten heup. Nadat hij vervolgens met zijn toenmalige vrouw een succesvolle groothandel in dames- en kinderondergoed had opgezet, belandde hij in het ziekenhuis voor een heupoperatie. Die fout ging. “Er bleek een experimentele heup in mijn bekken te zijn gezet die niet wilde hechten. Bij alles wat ik deed schoot hij uit de kom. Bijzonder pijnlijk.” Pijnlijker nog was dat zijn vrouw hem tijdens zijn ziekbed verliet, nadat ze het bedrijf had leeg getrokken. Ze liet Joep alleen achter met hun drie kinderen en een bedrijf dat niet langer levensvatbaar was. “Daar zat ik, op een flatje. Ik kon niet lopen, had geen werk, maar was wel verantwoordelijk voor mijn drie kleine kinderen.” Maar Joep zou Joep niet zijn als hij bij de pakken neer ging zitten.

Joep van Bergen

Op zijn vijftigste weer in de schoolbanken

“Ik kon niet veel, maar vrijwilligerswerk, daar had ik wel tijd voor als de kids naar school waren. Ik belandde bij Vluchtelingenwerk. Hoe interessant was die wereld! Taalcoaching, inburgering, intakes doen, inschatten welke capaciteiten mensen hadden en welke opleidingen we hen konden aanbieden, praten met gemeenten. Ik ben een MBO-opleiding Sociaal Maatschappelijke Dienstverlening gaan doen, gevolgd door een HBO-opleiding Schuldhulpverlening.” Vijf jaar lang zit hij in de schoolbanken en dan gaat hij in dienst bij Vluchtelingenwerk, als teamleider. Een baan die hem als gegoten zit. Maar na een paar jaar gaat de wet- en regelgeving rondom vluchtelingen hem tegenstaan. “Het veranderde continu. Gemeenten trokken steeds meer naar zich toe en ik was wekelijks een nieuw wetboek uit mijn hoofd aan het leren, zo leek het.” Het werd tijd weer om zich heen te kijken. Een baan bij de reclassering kwam langs, en Joep kreeg hem: medewerker werkstraffen.

Aanzienlijke rugzakjes

Helaas gooide corona roet in het eten. Joep: “Het was best saai. Op kantoor zat ik in mijn eentje, ik zag nauwelijks klanten, om over reclassenten al helemaal te zwijgen. Ik vroeg aan mijn leidinggevende Marco Bal: heb je niet iets anders?” Toen kwam er een functie vrij van werkmeester. Een gouden greep. Joep kwam terecht op de Computerweg in Utrecht, een locatie waar reclassenten met een wat zwaarder rugzakje dan gemiddeld heengaan. “We krijgen hier mensen met een verslaving, LVB, psychische problemen. Het is een plek die goed is voor mensen die behoefte hebben aan een rustige werkomgeving. We doen eenvoudig inpak- en ompakwerk en dat is voor sommigen precies wat ze aankunnen. Daarbij is dit pand heel gezellig ingericht en is de sfeer top. Wat fijn is voor mensen die binnenkomen met een bijna tastbare hoeveelheid spanning.” De verhalen die mensen vertellen tijdens het werk, zijn vaak schrijnend. Joep: “Ik zit een half uur in de auto van mijn werk naar huis, en dan overdenk ik vaak mijn dag. Regelmatig passeren die verhalen de revue en dan realiseer ik me hoe geweldig het is dat het goed gaat met mijn kinderen en met mij.”

De mens achter de werkgestrafte

Joep neemt het werk nooit mee naar huis, een slapeloze nacht om een cliënt is hem onbekend. Maar dat betekent niet dat hij zich hun lot niet aantrekt. Sterker nog, het is Joeps kracht dat hij oog heeft voor de mens achter de werkgestrafte. “We hadden hier een cliënt die, volgens zijn dossier, een bijzonder kort lontje had. ‘Moeite met autoriteit’ heette dat. Hij had een agent die hem vroeg zijn auto elders te zetten, een optater verkocht en had daarvoor in de gevangenis gezeten. Tijdens de intake zei ik tegen hem: ‘In je dossier staat dat je moeite hebt met autoriteit. Leg me eens uit wat dat precies betekent.’ Komt er een heel verhaal uit over de oorzaak. Ik zeg tegen hem: ‘We hebben hier een paar regels, die gelden voor iedereen. Maar verder gaat het om wat je kunt. We zullen je nergens toe dwingen.’ Die man ontspande zienderogen, heeft vervolgens keihard gewerkt en heeft zijn werkstraf vér binnen de termijn afgerond.”

“Dan hebben wij ons werk goed gedaan”

Dat is waar het om gaat op de Computerweg: maatwerk. Wat mensen aankunnen, bepaalt hoe Joep hun werkstraf insteekt. En daarin komt zijn mensenkennis goed van pas. Plus het feit dat hij graag grapjes maakt, niet over zich heen laat lopen en open staat voor een gesprek. Maar denk niet dat het er vrijblijvend aan toe gaat bij Joep en zijn collega’s. “We zijn streng. Duidelijk. Acht uur binnen is niet één over acht binnen. Mobieltjes komen op kantoor te liggen, een rookpauze is vijf minuten en niet langer, je draagt dichte schoenen. Dat soort zaken. Maar aan de meeste werkgestraften hebben we geen kind. En dat is meteen onze maatstaf: als je geen kind aan ze hebt, hebben wij ons werk goed gedaan.”

Tekst: Marlies Hofland-van der Steeg
Illustratie: Nicole van den Hout

Lees ook de andere verhalen

Tekening Ine
Ine: “Ik had dit werk graag veel en veel langer willen doen”
Tekening Jan
Jan: “Soms heeft ons werk niets met crimineel gedrag te maken”
Feesttent
Group 14 Copy 3